Prins Michiel I

Heerser van Klotland

Prins Michiel I

Gruwelijk grûts presenteren wij de nèèje Prins van Klotland! Michiel Reijnders is 38 jaar oud en getrouwd met Ivon. Samen hebben zij 3 kinderen: Stef (7), Lex (4) en Lani (2). Ze wonen op de Rootweg in een van de mooiste wijken van heel Asten, de Ostade.

Michiel is een zoon van Toos en Thijs Reijnders. Hij woont al zijn hele leven in Asten. Na een korte periode op de Emmastraat is hij, samen met zijn oudere broer Dirk en jongere zusje Karlijn, opgegroeid op de Vendelierstraat, in buurtvereniging de Hulterman.

In het dagelijks leven is Michiel Strength & Conditioning Coach bij BrabantSport. Hier is hij verantwoordelijk voor de fysieke fitheid van topsporters en talenten. Momenteel begeleidt hij daar in het TeamNL centrum de Olympische en Paralympische zwemploeg, de synchroonzwemmers en een groep wielertalenten. Een van zijn passies is dan ook logischerwijs sport. Hij is al bijna heel zijn leven lid van voetbalvereniging NWC en heeft daar altijd fanatiek gevoetbald tot zijn knie het een jaar of 10 geleden begaf. Momenteel is hij bij NWC zowel trainer van de JO8 en coacht hij op zaterdag het team van zijn zoon Stef, de JO8-4. Zelf probeert hij fit te blijven door krachttraining, af en toe een rondje te mountainbiken en soms een balletje te slaan bij tennisvereniging ’t Root.

Het podium is hem niet vreemd. Hij doet al sinds 2014 mee met de Zittingsavonden van de Klot met het duo Kierewiet. Daarnaast is hij 1 van de grondleggers van de Astense biercantus en heeft hij met Zonder ERG de carnavalskraker ‘Als un Malle’ geschreven. Verder is hij altijd in voor een goed feestje en drinkt hij graag een speciaalbiertje met zijn vriendengroep de Otters, waarmee hij al zo’n 25 jaar carnaval viert.

Michiel, Ivon en de kinderen staan te popelen om er samen met heel Asten een briljant jubileumjaar van te maken. “Ik ben gruwelijk grûts dè ik veurop mag gao in di schôn jubileumjaor.

We gaon gas gèèven en dè doen we mi z’n alle. En dè doen we in Klotland mer op één manier, dè doen we als un malle!!

Alaaf!”